Meer dan 40.000 mensen trokken zaterdag 12 september in Amsterdam van de Dam naar het Museumplein voor de landelijke Klimaatmars, drie dagen voor Prinsjesdag. De organisatie spreekt van zo’n veertigduizend deelnemers, verdeeld over 43 thematische blokken. Eén daarvan viel op: het Caribische blok met de vlaggen van de eilanden.
Voor deze jongeren is het duidelijk dat de lasten van klimaatverandering en wie daarover bepaalt ver van elkaar liggen. De eilanden die het hardst door klimaatverandering worden geraakt, hebben het minst te zeggen over het beleid dat hen moet beschermen. Daarom liepen ze ook mee: om gezamenlijk een zichtbare boodschap af te geven aan de Nederlandse overheid om het klimaat te beschermen.
Hardste klappen
Dat het Caribische blok er stond, was mede het werk van Churmer Bomba, Bonairiaan, community organizer bij Greenpeace Nederland en medeorganisator van het blok. Hij spreekt in die hoedanigheid ook namens de organisatie. “Het moet niet uitmaken of je op Ameland of Bonaire woont: iedereen wil veiligheid en een toekomst voor hun kinderen,” zegt hij. “Ons kabinet moet álle burgers beschermen tegen de klimaatcrisis en stoppen met het meten met twee maten.” Greenpeace faciliteerde het blok, juist omdat Nederland niet bij de Europese grens ophoudt, en medeburgers in het Caribisch deel van het koninkrijk zo buiten beeld raken. Zij droegen nauwelijks bij aan de klimaatcrisis, maar krijgen nu al de hardste klappen: extreem weer, droogte, mislukte oogsten en een stijgende zeespiegel. Met dit blok eist de organisatie dat de overheid die ongelijkheid aanpakt en de meest kwetsbaren de bescherming biedt die zij verdienen.
Voor Bomba is dat geen abstract dossier. “Mijn zus op Bonaire krijgt niet dezelfde bescherming als ik in Den Haag,” zegt hij. “Waarom mag ik genieten van een hogere mate van bescherming tegen de klimaatcrisis, puur gebaseerd op waar ik woon?” En: “Ik wil niet in een wereld wonen waar wij voor het oogstfeest Simadan en Seu gewassen moeten importeren, omdat het door de hitte en droogte ons niet meer lukt om zelf te oogsten.”
Klimaatzaak
Voor Kjelld Kroon, één van de acht eisers in de Klimaatzaak Bonaire, is de mars meer dan een signaal. “Als één van de eisers in de klimaatzaak Bonaire is het ook wel belangrijk dat wij als Caribische Nederlanders ons zichtbaar maken in deze toch vooral vrij witte strijd- en klimaatbeweging in Nederland,” zegt hij. Op 28 januari 2026 oordeelde de rechtbank in Den Haag dat het klimaatbeleid van de Nederlandse staat de mensenrechten van inwoners van Bonaire schendt en hen ongelijk behandelt ten opzichte van Europees Nederland. De staat moet binnen achttien maanden nieuwe klimaatdoelen stellen. Ook het recht op cultuur, van bedreigde historische slavenhuisjes tot een leefwijze die aan het land verbonden is, is in het vonnis meegenomen. Kroon woont met één voet in Amsterdam en één op Bonaire, en ziet de gevolgen nu al: hitte, droogte, een stijgende zeespiegel en wateroverlast. “Bonaire wordt aan zijn lot overgelaten,” zei hij eerder tegen Trouw. Het vonnis geeft het onrecht dat jonge Caribische Nederlanders voelen een juridische bodem, maar daarmee is het nog geen beleid.
Glenpherd Martinus. Foto: Tengbeh Kamara/Greenpeace
Naast hem liep Glenpherd Martinus mee, Nederlandse burger uit de Caribische diaspora. Hij vindt dat er voor de eilanden nog altijd minder urgentie is, en dus minder aandacht en minder middelen om klimaatverandering te bestrijden dan in Nederland. “Nederland is natuurlijk bekend met het managen van water, ze zijn daar pioniers in en zetten die kennis ook in over heel de wereld. Dan is het eigenlijk onbegrijpelijk en natuurlijk onaanvaardbaar dat ze hun eigen landgenoten in de steek laten,” zegt hij. Het hoger beroep dat het kabinet aantekende tegen de uitspraak in de klimaatzaak ziet hij als een bewuste keuze. “Om het recht te ondermijnen, maar ook om de boodschap te delen dat het Caribisch deel van het koninkrijk eigenlijk te verwaarlozen is en dat wij tweederangsburgers zijn.”
Hoop voor Prinsjesdag
Op Prinsjesdag, 15 september, presenteerde het kabinet de begroting voor 2027, en daarin staan voor het Caribische deel van het koninkrijk twee dossiers die er direct toe doen. Ten eerste de verdeling van de toegezegde 30 miljoen euro voor bestaanszekerheid op Bonaire, Sint Eustatius en Saba, waarvan al vastligt dat 7,5 miljoen naar het Natuur- en milieubeleidsplan Caribisch Nederland gaat, het klimaatadaptatiefonds voor de eilanden. Ten tweede, of er nog geld is voor de Tijdelijke Werkorganisatie (TWO) en daarmee voor een vervolg op de landspakketten met Aruba, Curaçao en Sint Maarten. Zoals eerder in dit dossier te lezen was: klimaatrechtvaardigheid is óók een begrotingsvraag. Adaptatie op de eilanden hangt aan geld dat in dezelfde begroting wordt verdeeld, en de tijd dringt, want de klimaatzaak laat weinig ruimte over voor nog een uitstelronde.
Ook Greenpeace keek met die urgentie naar dinsdag. “Stop met vertragen,” zegt Bomba, die de positie van de organisatie vertolkt. Greenpeace wil dat het kabinet de uitspraak van de rechter in de Klimaatzaak Bonaire eindelijk direct en op eerlijke wijze uitvoert. De rechtbank oordeelde eerder dit jaar klip en klaar dat de staat mensenrechten schendt en inwoners van Bonaire discrimineert door gebrekkige klimaatbescherming. Terwijl het een zomer was van hitterecords, oversterfte en het verdwijnen van koraal, houdt het kabinet zich opvallend stil, en het kiest zelfs voor juridische procedures om de uitvoering van het vonnis stil te leggen. Voor Prinsjesdag eist Greenpeace daarom concrete actie: uit de Klimaat- en Energieverkenning zal waarschijnlijk opnieuw blijken dat Nederland haar eigen klimaatdoelen niet haalt, en dus moet het kabinet inzicht en eerlijkheid bieden over de ruimte die Nederland nog heeft om CO2 uit te stoten, en per direct werk te maken van eerlijke, bindende reductiedoelen voor alle sectoren.
Kroon hoopt dat het kabinet de uitspraak in de klimaatzaak respecteert en nieuwe berekeningen maakt van de CO2-uitstoot van Nederland, met daarin Schiphol en de Rotterdamse haven. “Dat er gewoon een volwaardig, realistisch plan is dat ook rekening houdt met ons klimaat. Maar onze minister-president kennende gaat hij dat sowieso niet doen.” Martinus hoopt op geld uit de staatskas. “Dat er middelen ingezet worden en dat er heel expliciet benoemd wordt dat er ook aandacht wordt gevestigd op het Caribisch deel van ons koninkrijk. Maar mijn verwachting is dat dit helemaal niet aan bod zal komen, of dat er überhaupt geen middelen met een bedrag gekoppeld worden aan het bestrijden van klimaatverandering op de eilanden.”
Boodschap voor Nederland
Daar hoort ook een boodschap bij aan Den Haag en aan de rest van Nederland. Aan de regering: stop met het discrimineren van Caribische Nederlanders en met het behandelen van hen als tweederangsburgers. “We verdienen dezelfde bescherming als Nederland,” zegt Kroon. “Twintig jaar geleden al, dus ze zijn al te laat.” Zijn oproep is concreet: stop met het uitstellen van klimaatbeleid, voer uit wat er in de klimaatzaak Bonaire is opgedragen, en stop met het hoger beroep. Martinus vraagt het kabinet zijn verantwoordelijkheid te nemen en de beloften na te komen waarmee het stemmen won. “Caribische Nederlanders zijn geen tweederangsburgers. Werk de existentiële strijd die wij voeren op zijn minst niet tegen, maar wees solidair, een partner voor ons.”
Aan iedereen in Nederland die stemt of keuzes maakt: wees je ervan bewust dat Nederland ook over Caribische grondgebieden gaat. “Denk ook: wat is de impact op mijn Caribische broers en zusters?”, zegt Kroon. Martinus roept op om in actie te komen, petities te tekenen, zij aan zij te protesteren en de stem te gebruiken bij de keuze voor wie in die machtspositie komt. Het is dezelfde vraag als op de Dam, maar nu direct gericht aan de kabinetsleden die dinsdag de begroting presenteren.
