De rechtbank op Bonaire heeft in de zaak-Galápagos dinsdag 27 oktober 2026 straffen tot veertien jaar opgelegd. Ook het geweld dat volgde op de schietpartij bij Club Rush, door het Openbaar Ministerie (OM) gezien als een vergeldingsactie, leidde tot veroordelingen. Maar wie de vijftienjarige Clayshanou Domacassé doodschoot, heeft de rechtbank niet kunnen vaststellen. Na het vonnis bleef de belangrijkste vraag onbeantwoord: wie vuurde het fatale schot af? Domacassé kwam om het leven tijdens de schietpartij bij Club Rush. De rechtbank veroordeelde verdachten voor hun afzonderlijke, bewezen bijdragen aan het geweld, maar kon de dood van de jongen niet met voldoende zekerheid aan één van hen toeschrijven.
De rechter benadrukte hoe diep de zaak Bonaire heeft geraakt en welke sporen zij in de samenleving heeft achtergelaten. De schietpartij schokte het eiland. Er werd in een openbare omgeving geschoten, terwijl mensen in de buurt waren. Dat de rechtbank de dader van het fatale schot niet kon aanwijzen, doet niets af aan de ernst van die nacht, maar laat voor de nabestaanden wel de kernvraag open.
Verklaring van getuige X gaf geen uitsluitsel over fatale schot
Een belangrijk deel van het bewijs draaide om de verklaring van de anonieme, bedreigde getuige X. Die zei te hebben gezien wie in de richting van Domacassé schoot. De verdediging betwistte de betrouwbaarheid van de getuige. De rechtbank bekeek de verklaring voorzichtig: de situatie was chaotisch, mensen raakten in paniek en zochten dekking. Bovendien kon de verdediging de getuige slechts beperkt ondervragen. Daarom moest zijn verklaring steun vinden in ander bewijs.

Volgens de rechtbank was die steun onvoldoende om vast te stellen wie het fatale schot loste. De verklaring sloot op onderdelen niet aan bij de forensische bevindingen. Camerabeelden toonden verdachten, maar gaven geen sluitend antwoord. Het OM zag G.O. (19) en de minderjarige J.W. (16) als medeplegers van de doodslag. Tegen G.O. eiste het OM 24 jaar gevangenisstraf. De rechtbank sprak hem vrij van doodslag, maar veroordeelde hem voor andere bewezen feiten tot twaalf jaar.
G.O.’s advocaat Selvin Larmonie is tevreden met de uitspraak. “Ik ben tevreden, gezien de strafeis en wat hij heeft gekregen. De rechter heeft goed rekening gehouden met de punten die de verdediging heeft aangevoerd.” Ook advocaat Marga van Lieshout noemde de uitspraak eerlijk: “Ik vind het fair. Als je niet kunt bewijzen wie heeft geschoten, kun je niemand veroordelen.”
Tien verdachten, uiteenlopende straffen
De rechtbank legde in de verschillende strafzaken gevangenisstraffen op van drie jaar tot veertien jaar. O.C. (23) kreeg veertien jaar. C.D. (20) kreeg twaalf jaar. J-M.S. W. (24) werd veroordeeld tot negen jaar en M.E.S. (37) tot vijf jaar. U.S.S, J.E.V.R.en Q.B.d.P. kregen ieder 36 maanden gevangenisstraf. De minderjarige J.J.W. kreeg één jaar jeugddetentie en een PIJ-maatregel*. J.I.S. (20) kreeg vier jaar jeugddetentie en eveneens een PIJ-maatregel.
Ook het latere vuurwapengeweld in Noord Saliña maakte deel uit van de bredere zaak. Het OM beschouwde die schietpartij als een vergeldingsactie na het geweld bij Club Rush. De rechtbank beoordeelde ook daar de rol en de bewezen feiten per verdachte afzonderlijk. De straffen zijn fors, maar beantwoorden niet de vraag wie Domacassé doodde. Ze maken wel duidelijk dat de rechtbank het bewezen geweld en het vuurwapenbezit zwaar aanrekent. Daarbij geldt: niet iedere veroordeling betekent dat de verdachte verantwoordelijk is bevonden voor het fatale schot.
Nabestaanden krijgen geen schadevergoeding
De moeder van Domacassé vroeg 11.789,50 dollars voor de begrafenis van haar zoon en voor het immense verdriet dat zijn dood haar heeft gebracht. De rechtbank erkende dat verlies, maar kende geen vergoeding toe. Omdat niet is vastgesteld wie haar zoon doodschoot, kon de verdachte in deze strafzaak niet aansprakelijk worden gesteld. Ook twee claims voor auto’s die tijdens het geweld werden beschoten, bleven onbeslist. Bij één auto waren elf kogelinslagen gevonden, maar de schade was niet voldoende onderbouwd. Bij de andere kon de rechtbank niet bepalen wie verantwoordelijk was. Een veroordeling voor openlijke geweldpleging volstond niet om alle verdachten gezamenlijk aansprakelijk te houden. De drie benadeelden kunnen hun claims nog aan de rechter voorleggen.
Vonnis nog niet definitief
Het OM en de verdachten kunnen binnen twee weken hoger beroep instellen. Daarmee kan de zaak nog aan het Gemeenschappelijk Hof van Justitie worden voorgelegd. Voor Domacassé’s familie en voor Bonaire blijft na de uitspraak een pijnlijke tegenstelling bestaan: de rechtbank heeft zware straffen uitgesproken voor het geweld dat het eiland schokte, maar kon niet vaststellen wie de vijftienjarige jongen doodschoot.
*Een PIJ-Maatregel betekent Plaatsing in een Inrichting voor Jeugdigen. Mensen noemen dit ook wel jeugd-TBS. De maatregel is bedoeld voor jongeren die een ernstig misdrijf hebben gepleegd en intensieve behandeling nodig hebben. Die behandeling vindt plaats in een gesloten jeugdinrichting. Het doel is de jongere te helpen en de kans op nieuwe strafbare feiten te verkleinen.