Voormalig POR-parlementariër Alan Howell pleitte in hoger beroep opnieuw voor zijn onschuld. Zijn advocaten vroegen het Hof daarbij om het Openbaar Ministerie (OM) niet-ontvankelijk te verklaren, terwijl het OM vasthield aan de veroordeling die in 2023 tegen hem werd uitgesproken wegens verduistering en valsheid in geschrifte.
Naast het hoger beroep in de Flamingo-zaak tegen voormalig minister Otmar Oduber (POR, Ruimtelijke Ontwikkeling, Infrastructuur en Milieu) boog het Gemeenschappelijk Hof van Justitie zich afgelopen week ook over de Diamante-zaak tegen voormalig POR-parlementariër Alan Howell.
Diamante draait om de besteding van fractiegelden van de politieke partij POR in de periode waar Howell Statenlid was. De gelden werden beheerd via de stichting Hunto Nos Por, die overheidsgeld ontving voor de ondersteuning van het werk van de fractie. Volgens het OM werden delen van deze middelen gebruikt voor betalingen aan Howell zelf en aan bedrijven en personen in zijn directe omgeving.
Het Gerecht in Eerste Aanleg veroordeelde Howell in maart 2023 tot twee jaar celstraf, waarvan zes maanden voorwaardelijk, wegens verduistering en valsheid in geschrifte. Daarnaast kreeg hij een geldboete van 35.000 Arubaanse florin opgelegd en werd een eerder in beslag genomen bedrag van 15.000 florin verbeurd verklaard. Het gerecht achtte onder meer betalingen aan Fonso Advisory, het adviesbureau van Howells inmiddels overleden vader, Whooz Next Rijschool, de rijschool van zijn echtgenote, het nieuwsbedrijf E-Arubiano (EANews) en de stichting Blue is Love bewezen. Voor een deel van de tenlastelegging volgde vrijspraak.
Discussie over start onderzoek
De verdediging vroeg het Hof om het Openbaar Ministerie direct niet-ontvankelijk te verklaren. Advocaat Artoir Herrera wees op wat hij omschreef als een probleem met de ‘datering’ van documenten. Volgens de verdediging vroeg de landsrecherche al op 2 februari 2021 informatie op, gaf de procureur-generaal op 11 maart opdracht voor een onderzoek, maar werd het proces-verbaal van verdenking waarnaar wordt verwezen pas op 22 maart afgesloten. Volgens advocaat-generaal Versluis was de onderliggende informatie toen al bekend en doet die datering niets af aan de rechtmatigheid van het onderzoek. “Dat het proces verbaal op 22 maart gesloten en ondertekend werd, betekent niet dat alles toen opgemaakt is, de opmaak dateert voor 11 maart”, aldus Versluis. Volgens het OM vormde de melding van de Financial Intelligence Unit (FIU) een legitieme aanleiding voor het onderzoek en zijn er geen aanwijzingen dat politieke motieven een rol hebben gespeeld bij de beslissing om de zaak te starten.
Het Hof besloot woensdag nog geen beslissing te nemen over het ontvankelijkheidsverweer en de inhoudelijke behandeling van de zaak voort te zetten.
Facturen en betalingen
De advocaat-generaal stond tijdens het requisitoir opnieuw stil bij verschillende betalingen die volgens het OM onterecht vanuit Stichting Hunto Nos Por werden gedaan. Het ging onder meer om 65.050 florin aan Fonso Advisory, 30.250 florin aan E-Arubiano, 18.000 florin aan Blue is Love Foundation en 1.604 florin aan rijschool Whooz Next. Volgens het OM werden voor verschillende van deze betalingen facturen en kwitanties gebruikt die niet overeenkwamen met de werkelijkheid. Daarom vroeg justitie het Hof de eerdere veroordeling te bevestigen. “Door te handelen zoals hij deed, heeft de verdachte schade toegebracht aan het vertrouwen dat de bevolking van Aruba mag hebben in volksvertegenwoordigers”, zei Versluis.
Howell hield ook in hoger beroep vast aan zijn onschuld. Volgens hem gingen verschillende betalingen terug naar kosten die aanvankelijk door de partijvereniging POR of door fractieleden waren voorgeschoten in de periode voordat de stichting over voldoende middelen beschikte. Hij stelde dat die bedragen later werden terugbetaald zodra de fractiegelden beschikbaar kwamen. Volgens Howell zijn alle uitgaven verantwoord en terug te leiden naar facturen en andere administratieve stukken.
Ook de betaling van 18.000 florin die centraal staat in het dossier rond Blue is Love Foundation, gaf Howell een andere uitleg. Volgens hem verwees ‘Blue is Love’ niet naar een aparte stichting, maar naar de slogan en campagne-identiteit van POR tijdens de verkiezingen. Het bedrag zou verband houden met voorgeschoten salariskosten van een fractiemedewerker die aanvankelijk door de partijvereniging werden betaald voordat de stichting de middelen ontving.
Over de contante betalingen die in het dossier voorkomen, stelde Howell dat contant geld een wettig betaalmiddel is en dat contante betalingen op Aruba niet ongebruikelijk zijn. Volgens hem waren ook deze transacties voorzien van facturen of kwitanties en daardoor controleerbaar.
Politieke gevolgen
De zaak kreeg in 2021 al politieke lading toen kabinet Wever-Croes I viel, nadat het onderzoek naar POR en Howell bekend werd. Daarmee ging de Diamante-zaak niet alleen over mogelijke verduistering, maar ook over vertrouwen in het beheer van publiek geld door politieke partijen.
Howell zei na afloop van de zitting tegen het Caribisch Netwerk vertrouwen te houden in een goede afloop. “Ik ben blij dat mijn verdediging vandaag met feiten is gekomen en dat het Hof de tijd neemt om het dossier zorgvuldig te bestuderen. Ik vertrouw op God en hoop dat de uitspraak in mijn voordeel zal uitvallen.”
Het Hof sluit de behandeling van de zaak op 8 juli en houdt er rekening mee diezelfde dag uitspraak te doen.