NIJMEGEN – Voor het eerst in de geschiedenis zet Nederland de regering van een Caribisch rijksdeel aan de kant, om de democratie te beschermen. Een terechte ingreep om de komende verkiezingen te garanderen, zo oordelen twee hoogleraren.

Paul Bovend’Eert, hoogleraar staatsrecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen, noemt de politieke ontwikkelingen op Curaçao verontrustend. Het ingrijpen van Nederland is volgens hem ‘heel exceptioneel’, maar wel terecht: “Door het verkiezingsproces te verstoren, doet de interim-regering echt afbreuk aan de goede werking van de democratie.” Gerhard Hoogers, hoogleraar vergelijkend staatsrecht aan dezelfde universiteit, sluit zich daarbij aan.

‘Neokoloniaal’
De relatie tussen Den Haag en Willemstad staat op gespannen voet. De huidige coalitiepartijen in de interim-regering op het Caribisch eiland noemen het ingrijpen van Nederland ‘neokoloniaal’ en waarschuwen tegen de bemoeienis vanuit Den Haag.

De pas aangetreden interim-regering op Curaçao haalde kort na haar start alles uit de kast om de verkiezingen van 28 april tegen te houden. Nederland grijpt in en geeft de gouverneur van Curaçao de taak om de verkiezingen van begin tot eind te organiseren. Desnoods met ingrijpen van ‘de sterke arm’, de politie.

Zijn de ministers strafbaar?
De oppositie op Curaçao heeft aangifte bij de Landsrecherche gedaan van een ambtsmisdrijf door de interim-ministers, na een door hen aangenomen Landsbesluit tot intrekking van de uitgeroepen verkiezingen. De aangifte wordt door handtekeningen van bijna 800 burgers gesteund. Maar zo’n strafzaak zou weinig kans maken, stellen de hoogleraren.

“Dan zal dus een strafrechter zich moeten uitspreken of ministers de staatsregeling schenden. Dat is een heel politiek oordeel”, zegt professor Hoogers. “Strafrechters in Europa bemoeien zich niet met dit soort zaken. Ik kan me nauwelijks voorstellen dat het Openbaar Ministerie graag zo’n aangifte gaat behandelen. Op Curaçao hebben we de ministeriële verantwoordelijkheid: als een minister zich niet aan de wet houdt, moet de minister aftreden.”

Ook hoogleraar Bovend’Eert vindt een strafzaak geen geëigend middel. “Daarmee polariseer je de politieke verhoudingen nog meer. Het enige wat het oplevert, is een juridisch gevecht, waarbij de rechter zal zeggen: ik ga mij niet mengen in dit politiek geschil.”

“Als er steeds weer crises ontstaan, is dat gevaarlijk voor de democratie”, stelt professor Bovend’Eert. “Dat regeringen steeds gebruik maken van het recht om het parlement naar huis te sturen en nieuwe verkiezingen uit te roepen, brengt het risico met zich mee dat burgers het vertrouwen in de politiek en de instellingen kwijtraken.”

Huiszoekingen
Op het eiland zelf is de sfeer gespannen. Er zijn woensdag drie invallen gedaan bij het huis van oud-premier en parlementslid Gerrit Schotte, oud-minister Charles Cooper en een zakenman, in een strafrechtelijk onderzoek naar omkoping in het parlement.

Justitie op Curaçao sluit meer aanhoudingen en huiszoekingen niet uit. Schotte hint in de lokale media dat Nederland achter het justitieel onderzoek zit, om de politiek op het eiland te destabiliseren en hem uit te schakelen.