Het Koninklijk Huis was ‘met overtuiging en zonder bedenkingen’ betrokken bij het kolonialisme en gaf steun aan koloniaal beleid dat was gebaseerd op het idee van Europese witte superioriteit. Dat werd vrijdag duidelijk bij de presentatie van resultaten van een onderzoek naar de rol die het huis Oranje-Nassau speelde in de koloniale geschiedenis van Nederland. Uit een rondgang langs de eilanden en langs betrokken organisaties komt naar voren dat er verdere actie nodig is. “Een onderzoeksrapport met aanbevelingen waar vervolgens niets mee gebeurt is prachtig voor een boekenkast, maar draagt niets bij aan het verbeteren van de samenleving.”
Oud-premier van de Nederlandse Antillen, Suzy Camelia-Römer, betreurt het dat er in de eerste berichtgeving over de koloniale rol van de Oranjes ‘niet veel aandacht is’ over de situatie in de koloniën van Nederland in het Caribisch gebied. “Terwijl deze in feite nog bestaan als koloniën”, zo zegt ze in een eerste reactie. Camelia-Römer: “Over de rol van het Koninklijk Huis bij de slavernij in het Caribisch gebied wordt tot nu toe niet veel gemeld in de nieuwsberichten. Ik ben benieuwd wat in de vijf boeken over het Caribisch deel wordt gezegd. En hoop dat ze snel ook in het Caribisch gebied verkrijgbaar zullen zijn.”
In de eerste berichten wordt volgens haar vooral aandacht besteed aan de koloniën in het Oosten. “Ze huilen om wat ze niet meer hebben, een gebied waar veel geld en smaragden waren te halen. De koloniën die er nog zijn, daar is niet veel aandacht voor.” De rol van het Koninklijk Huis bij de slavernij wordt volgens haar wellicht ook bewust heel klein gehouden. “Misschien denk ik nu heel erg slecht. Maar daaruit kan misschien ook worden geconcludeerd dat er geen herstelbetalingen hoeven te worden betaald.”
Terwijl dat volgens Camelia-Römer wel de volgende stap moet zijn. De oud-premier voor PNP en huidig parlementariër voor de partij MAN-PIN in de Staten van Curaçao is al jarenlang één van de voorvechters voor het invoeren van herstelbetalingen door Nederland, voor hun rol in de slavernij.
‘Het woord is aan de regering en de parlementen’
Een andere oud-premier van de Nederlandse Antillen, Maria Liberia-Peters (PNP), legt de verantwoordelijkheid om vervolg te geven aan het onderzoek nadrukkelijk bij de politiek. „Het woord is aan de regering en de parlementen om daar inhoud aan te geven”, zo zei ze tegen de website Curacao.nu. Het onderzoek moet volgens haar ook aanleiding zijn om opnieuw te kijken naar de manier waarop de positie en het aanzien van Nederland door de eeuwen heen zijn gevormd.
„Uit het rapport blijkt het aanzien dat Nederland heeft ontwikkeld door de eeuwen heen. Dat aanzien is mede door het slavernijverleden tot stand gekomen”, zegt zij. Volgens haar betekent dit dat Nederland ook moet erkennen wat het land aan die koloniale periode heeft ontleend.
Publicatie van boeken zijn ‘een begin’
Volgens de Arubaanse journalist en documentairemaker Melissa Stamper (verbonden aan het Caribisch Netwerk) is het onderzoek naar de koloniale rol van de Oranjes ‘een begin’. “We weten nu meer over de formele en economische betrokkenheid van het Huis Oranje-Nassau, maar voor de Caribische eilanden is ook de vraag belangrijk hoe die koloniale machtsverhoudingen hebben doorgewerkt in onze instituties, in beeldvorming en mogelijk ook in de manier waarop we binnen het koninkrijk vandaag met elkaar omgaan. Daar is nog veel onderzoek naar nodig.”
Stamper verdiepte zich in de afgelopen jaren heel uitvoerig in het Arubaanse slavernij- en koloniale verleden. Zo maakte ze de podcastserie ‘Arubaanse roots: Het verborgen slavernijverleden’ en de film ‘Si a baranca por a papia’ waarin de geschiedenis van slavernij op Aruba werd onderzocht. Wat haar in deze presentatie van onderzoeksresultaten vooral opvalt, ‘is dat financieel profijt niet hetzelfde is als historische impact’. Dat de Oranjes volgens het onderzoek nauwelijks verdienden aan de trans-Atlantische slavenhandel en de Caribische slavernij, ‘betekent niet dat de gevolgen van het koloniale systeem voor de eilanden gering waren’, aldus Stamper.
“Ik vind daarom de conclusie dat de Oranjes het koloniale systeem lange tijd ondersteunden en legitimeerden minstens zo belangrijk als de vraag hoeveel geld zij eraan verdienden. Het ontbreken van expliciet racistische uitspraken betekent bovendien niet dat er geen sprake was van een hiërarchische verhouding waarin Europese superioriteit als uitgangspunt gold.”
‘Een onderzoek is geen herstel’
“Het onderzoek bevestigt wat nazaten van tot slaaf gemaakten en generaties antikoloniale en antiracistische bewegingen al decennialang onder de aandacht brengen: het Huis Oranje-Nassau was eeuwenlang actief en overtuigd betrokken bij het kolonialisme, inclusief de trans-Atlantische slavernij. De Oranjes verleenden politieke en symbolische legitimiteit aan het koloniale systeem, steunden koloniale oorlogsvoering en gewelddadige onderdrukking en profiteerden eeuwenlang van de koloniale belangen.”
Dat stelt Zwart Manifest, een initiatief van betrokkenen uit de Zwarte gemeenschap en organisaties waaronder de beweging Nederland Wordt Beter, Kick Out Zwarte Piet, The Black Archives, IZI Solutions, Zetje In, Black Queer & Trans Resistance Netherlands, Controle Alt Delete en vele anderen, in een statement naar aanleiding van het onderzoek.
Ook schrijven ze: “De onderzoekscommissie concludeert dat het Huis Oranje-Nassau zonder wezenlijke bedenkingen betrokken was bij het kolonialisme en daarvoor medeverantwoordelijk was. Daarmee maakt dit onderzoek opnieuw duidelijk dat het koloniale en slavernijverleden niet los kan worden gezien van de Nederlandse geschiedenis, de opbouw van nationale welvaart en de manier waarop macht, discriminatie en ongelijkheid tot op de dag van vandaag doorwerken.”
En: “Het verleden strookt niet met het rooskleurige nationale zelfbeeld. Eerlijke geschiedschrijving vraagt dat we ook de verantwoordelijkheid, het eigenbelang, het geweld, het racisme en de schade onder ogen zien. Een belangrijke stap, maar geen volledig beeld.”
Kennis erkenning en collectieve verantwoordelijkheid
Het Zwart Manifest verwelkomt dit onderzoek als een belangrijke bijdrage aan kennis, erkenning en collectieve verantwoordelijkheid. “Dat de koning actief ruimte heeft gegeven aan onafhankelijk onderzoek, is betekenisvol”, volgens Zwart Manifest. “Wij bedanken hem daarvoor. (..) Tegelijkertijd is het belangrijk te benoemen dat dit onderzoek geen volledig beeld geeft van de koloniale geschiedenis van Nederland. Verschillende voormalige koloniën zijn buiten beschouwing gebleven. De koloniale betrokkenheid van Nederland, en daarmee ook de vragen over verantwoordelijkheid en herstel, reikt verder dan de geschiedenis die in dit onderzoek is onderzocht. Ook dit onderzoek is dus geen eindpunt, maar onderdeel van een bredere opdracht om het koloniale verleden en de gevolgen ervan volledig en in samenhang onder ogen te zien.”
Zwart Manifest benadrukt dat excuses, erkenning en onderzoek geen afsluiting kunnen zijn. “Ze moeten het begin zijn van concrete verantwoordelijkheid en herstel. Hoe betekenisvol dit rapport ook is, het is pas oprecht als het komt met verantwoordelijkheid. De afgelopen decennia zijn er verschillende rapporten geïnitieerd over het koloniale en slavernijverleden, zonder opvolging of gevolgen. Maar met dit onderzoek hopen we op een trendbreuk. Een rapport dat niet alleen het probleem en de verantwoordelijkheid noemt, maar ook articuleert hoe we van onderzoek tot herstel komen. Een rapport dat niet alleen anekdotes met zich meebrengt, maar ook aanbevelingen doet en ertoe leidt dat de ontvanger er ook echt mee aan de slag gaat. Een rapport zorgt voor erkenning, maar doet nog geen recht aan herstel voor hen die nog steeds de last van het verleden moeten dragen. Een onderzoeksrapport met aanbevelingen waar vervolgens weinig tot niets mee gebeurt is prachtig voor een boekenkast, maar draagt niets bij aan het verbeteren van de samenleving.”
‘Nationale route’
Het Zwart Manifest doet daarom een dringend beroep op de koning en de Nederlandse regering om de volgende stap te zetten en zich actief in te zetten voor een Nationale Route naar Herstel voor nazaten van tot slaaf gemaakten en de gemeenschappen die door het koloniale en slavernijverleden zijn geraakt. “Een nationale route die niet blijft steken in symbolische erkenning, maar leidt tot structurele verandering, het tegengaan van racisme en discriminatie, het verbeteren van de maatschappelijke positie van nazaten en herstel van de schade die door generaties heen is ontstaan. Herstel vraagt om een langdurige, samenhangende aanpak, ontwikkeld mét de betrokken gemeenschappen en organisaties, met ruimte voor hun kennis, ervaringen en zeggenschap. Het vraagt om concrete afspraken, politieke verantwoordelijkheid, middelen en toetsbare vervolgstappen. Met dit onderzoek ligt er opnieuw een belangrijke basis. De vraag is nu wat de koning samen met de Nederlandse overheid gaat doen.”
Foto-onderschrift: De Koning ontvangt uit handen van prof. dr. Gert Oostindie het boek ‘Oranje en de Koloniën, 1600-2025. De koloniale geschiedenis van het Huis Oranje-Nassau’. Foto Koninklijkhuis.nl

