Het afschieten van geiten in Washington Slagbaai ligt tijdelijk stil na kritiek vanuit de gemeenschap. Op het eerste oog gaat die discussie over voedsel dat blijft liggen, maar daaronder schuilt een diepere vraag die op Bonaire al jaren speelt: wie bepaalt wat passend natuurbeheer is wanneer natuur en cultuur op gespannen voet staan?
Het terugdringen van het aantal geiten in het Washington Slagbaai Nationaal Park maakt al jaren deel uit van Parke Bunita, het ecologisch herstelprogramma dat Stinapa uitvoert. Geiten eten jonge en inheemse vegetatie en vormen volgens de organisatie een bedreiging voor het ecosysteem. Stinapa heeft als doel om in 2030 het gehele Washington Slagbaai Nationaal Park geitvrij te hebben.
Het grootste deel van de geiten, ruim zeventig procent, wordt levend gevangen en gedoneerd aan onder meer geitenboeren, kerken en stichtingen. Ongeveer dertig procent van de geiten leeft in moeilijk bereikbaar gebied en wordt normaal gesproken afgeschoten. Dit kon rekenen op kritiek vanuit de Bonairiaanse gemeenschap. Kadavers bleven te vaak liggen in de natuur, wat niet alleen zorgde voor stankoverlast, maar vooral werd gezien als voedselverspilling. Afgeschoten geiten kunnen wegens hygiënevoorschriften namelijk niet voor menselijke consumptie worden gebruikt.
“Er zijn mensen die in armoede leven en naar de voedselbank gaan, dus er moet geen eten in het park blijven liggen”, vond ook gedeputeerde Dennis Martinus (MPB). Momenteel is het Bestuurscollege van Bonaire daarom in gesprek met natuurorganisatie Stinapa over het afschieten van geiten. Tijdens een vierweekse stop zoeken het eilandbestuur en Stinapa gezamenlijk naar een andere, structurele oplossing.
Cultureel erfgoed
Geitenvlees is enorm geliefd onder Bonairianen. “Iedereen op Bonaire is opgegroeid met het eten van geitenvlees,” vertelt boer Reginald ‘Yonchi’ Dortalina. “Toen ik klein was, liepen er meer dan tweeduizend geiten rond op de kunuku (landelijk stuk grond, red.) van mijn grootvader en dat gold ook voor onze buren,” herinnert hij zich. “Bonaire exporteerde zelfs lange tijd geitenvlees naar de andere eilanden. We waren de keuken van de Nederlandse Antillen.” Inmiddels beheert Dortalina zelf het stuk grond van zijn grootvader, waar hij ook een tijd geiten hield.
Dortalina koppelt geiten aan een gevoel van (voedsel)zekerheid. Hij illustreert: “Hebben je kinderen nieuwe schoenen nodig voor school? Slacht twee geiten, verkoop het vlees, en je hebt weer wat geld voor schoenen. En als er oorlog uitbreekt in de regio, hebben we altijd wat achter de hand.” Bovendien: “Gestoofd geitenvlees is misschien wel het lekkerste wat er is. Daar moet je niet aankomen!”
De geiten en hun vlees worden gezien als een belangrijk onderdeel van de Bonairiaanse cultuur. Cultuurkenner Boi Antoin heeft dan ook moeite met het terugdringen van de geitenpopulatie. “Ik merk dat onze cultuur onder druk komt te staan. Nederlanders op Bonaire zien alleen dat de geiten schade aan de natuur aanrichten en komen met nieuwe regelgeving. Ze snappen niet hoe belangrijk geiten zijn voor onze voedselzekerheid.” Hij grapt: “Als er hongersnood komt, ga ik naar de begrafenis van alle mensen die geen geitenvlees willen eten.”
‘Nederlandse regelgeving’
Antoin legt hiermee een botsing bloot tussen lokale normen en waarden en regelgeving die voor hun gevoel door Nederlanders wordt opgelegd. Een greep uit de Facebook-reacties op een bericht rondom de ‘geitendiscussie’ laat dit sentiment duidelijk zien. Er heerst ongenoegen over de grote hoeveelheid Nederlanders die aan het hoofd van belangrijke organisaties staan en zo hun ‘Nederlandse systeem’ opdringen en de lokale manier van leven in gevaar brengen.
Boer Dortalina herkent dit gevoel. “Maar het is niet alleen Nederland. De Bonairiaanse overheid geeft uitvoering aan het beleid.” Ook de lokale overheid streeft ernaar om in 2030 alle wilde grazers uit de natuur te hebben verwijderd. Het probleem is volgens Dortalina dat wordt bepaald dat straks alle geiten achter gesloten omheining moeten komen, maar er niet wordt gekeken naar wat dat betekent voor geitenboeren op Bonaire. “Het handige aan geiten is juist dat je ze even los kunt laten om te gaan eten in het bos. Zo hoef je zelf geen voeding te importeren,” legt hij uit.
De lokale overheid zorgde voor een vergoeding voor omheining voor geitenboeren. Maar dit is niet voldoende, volgens Dortalina. “In Nederland kun je geiten relatief goedkoop voeren. Hier is geen hooi, dus we moeten voedsel importeren. Dat wil ik best, maar er moet wel een financiële compensatie tegenover staan, anders is de geitenhouderij niet meer rendabel.”
Impact op natuur
Voor Bonairianen zijn geiten onlosmakelijk verbonden aan hun eiland en bovendien: “Dieren horen thuis in de natuur,” vindt Dortalina. De werkelijke impact van geiten op de natuur is veel minder groot dan wordt gedacht, menen zowel Dortalina als Antoin. “Geiten eten juist het onkruid op,” aldus Dortalina. “De grootste bedreiging voor de natuur is de droogte.” Is de geit dan slechts de ‘scapegoat’? Daar lijkt het niet op. Uit verschillende onderzoeken van Wageningen University & Research blijkt dat loslopende geiten de natuur van Bonaire wel degelijk onder druk zetten.
Door overbegrazing verdwijnen veel planten en jonge bomen, wat maakt dat de natuur minder goed kan herstellen en de biodiversiteit afneemt. Alleen de oude bomen blijven over. Wanneer geiten en andere grazende dieren worden geweerd, neemt de natuurlijke verjonging van het bos aanzienlijk toe.
Bonaire is niet het enige eiland waar het verwijderen of weren van vrij rondlopende grazers heeft geholpen om inheemse begroeiing te laten herstellen. In delen van Christoffelpark op Curaçao werden geiten verwijderd of geweerd en op Saba is sinds 2020 meer dan 90 procent van het vrij rondlopende vee verwijderd, beide met positieve resultaten voor de vegetatie.
Heroverweging afschieten geiten
Voor Stinapa en het Openbaar Lichaam Bonaire is het momenteel daarom niet de vraag of ze moeten stoppen met het terugdringen van de geitenpopulatie. Ze zijn het eens over het belang van natuurherstel in Washington Slagbaai en de noodzaak om de graasdruk van vrij rondlopende geiten terug te brengen. Wel willen ze naar aanleiding van de terugkerende kritiek op het afschieten van geiten, dit aspect van het natuurbeheer heroverwegen.
Stinapa en het Bestuurscollege onderzoeken momenteel samen of en in welke mate het percentage bruikbaar vlees kan worden vergroot. “Stinapa staat volledig open voor praktische oplossingen waarmee een groter deel van deze dieren verantwoord kan worden benut,” aldus de natuurorganisatie. Gedeputeerde Martinus benadrukt: “We zetten onze emoties aan de kant, maar blijven kritisch in de zoektocht naar een oplossing die het beste is voor het eiland.”
Stinapa zegt zich maar al te goed te realiseren dat geiten een belangrijke plaats hebben in de geschiedenis, cultuur en voedseltraditie van Bonaire. “Tegelijkertijd hebben we als natuurbeheerder de verantwoordelijkheid om Washington Slagbaai te beschermen. We zoeken daarom voortdurend naar manieren om noodzakelijk natuurherstel te combineren met respect voor de gemeenschap, dierenwelzijn en de culturele betekenis van geiten op Bonaire.”
De vraag is echter of hiermee voldoende gehoor wordt gegeven aan de vraag: wie bepaalt wat goed natuurbeheer is op een eiland waar de geit zowel een ecologisch probleem als een geliefde culturele erfenis is?