Staat de Bonairiaanse identiteit onder druk?
Bonaire groeit in hoog tempo, steeds meer mensen van buiten vestigen zich op het eiland. De Bonairiaan is inmiddels in de minderheid en andere talen en culturen winnen rap terrein. Het Caribisch Netwerk sprak met bijna twintig Bonairianen over deze ontwikkelingen. Hoe ervaren zij de veranderingen op hun eiland? Zijn ze bang hun cultuur en identiteit te verliezen?
“Vroeger herkende je iedereen op Bonaire. Je zwaaide naar voorbijrijdende auto’s, omdat je wist van wie het kenteken was. Tegenwoordig zie je gezichten die je niet kunt plaatsen, mensen van wie je niet weet of het inwoners zijn of toeristen.” Zo illustreert dertiger Jason Rosaria de veranderingen op zijn eiland. Hij woont al lange tijd in Nederland, maar komt nog regelmatig terug op Bonaire. Elke keer treft hij weer een ander eiland aan.
Bonaire groeit al jaren gestaag in inwonertal. Volgens cijfers van het CBS Caribisch Nederland telt het eiland inmiddels bijna 27.000 inwoners. Tien jaar geleden lag dat aantal nog rond de 19.000. De groei bedraagt de laatste jaren vaak ongeveer duizend inwoners per jaar en is vooral het gevolg van migratie. Met name mensen uit Europees Nederland, maar ook uit Latijns-Amerika, de Verenigde Staten en omliggende eilanden, vestigen zich massaal op het eiland. Daarmee verandert niet alleen de omvang van de bevolking, maar ook de samenstelling ervan. Nog maar dertig procent van de inwoners is op Bonaire geboren.
Multiculturele samenleving
Als je Bonairianen vraagt wat ze van deze ontwikkeling vinden, reageert de meerderheid opvallend mild. Ze vinden het in principe geen probleem dat mensen van buiten op het eiland komen wonen. “We zijn een multiculturele samenleving,” aldus een basisschooldocent. Veel Bonairianen erkennen dat ook zij ergens te gast zijn geweest, toen ze vroeger op Curaçao naar school gingen, of toen ze in Nederland studeerden. “Anderen hebben ons ontvangen, dan moeten wij ook gastvrij zijn,” vindt cultuurkenner Bòi Antoin (70).
Leer de taal
Wel wordt deze opmerking vaak vrijwel meteen gevolgd door de voorwaarde dat de nieuwkomers zich aanpassen door bijvoorbeeld de taal te leren en de cultuur te leren kennen. “Ik heb het gevoel dat Bonaire open staat voor mensen van buiten, zolang ze integreren en onze cultuur en bouwstijl omarmen,” aldus de 25-jarige Mikeely Obersi, die nu in Nederland bij een architectenbureau werkt. Zo vindt ze het bijvoorbeeld leuk om te zien als Nederlanders meelopen in de carnavalsoptocht. “Als het eiland maar niet te snel of te veel groeit,” voegt ze toe. “Ik vind het belangrijk dat de mensen die komen zich aanpassen, in plaats van dat wij ons moeten aanpassen aan hen.”
Dat laatste lijkt sinds Bonaire op 10-10-’10 een bijzondere gemeente van Nederland werd, steeds meer het geval. “Sindsdien komen veel Nederlanders hier niet zo zeer om te integreren, maar wordt Bonaire vaak gezien als ‘hun’ tropisch stukje Nederland,” merkt Emma-Louise Pratt (34), projectleider bij de erfgoedstichting FuHiKuBo die zich volledig heeft ondergedompeld en verdiept in de Bonairiaanse cultuur. “Bonaire is toegankelijker geworden voor een breder publiek. Onder Nederlanders heerst het narratief dat Bonaire ‘Caribisch Nederland’ is, dus waarom zou je dan Papiaments leren?” Dit beaamt Antoin: “Veel ‘makamba’s’ (Nederlanders) vertikken het om Papiaments te leren.”
De 22-jarige Tharia Phelipa is ook fel. “Veel mensen integreren niet, leren geen Papiaments, dat vind ik echt niet kunnen. Je hoeft het niet vloeiend te spreken, maar probeer het ten minste. Ik ken mensen die al heel lang op Bonaire wonen en nog geen Papiaments spreken, dat vind ik respectloos en neerbuigend tegenover de lokale bevolking.”
Mikeely Obersi: “Ik vind het leuk als ik Nederlanders zie meelopen in de carnavalsparade.” Foto Deborah Bremmer
Gebrek aan kennis
Tegelijkertijd vragen verschillende Bonairianen zich af of zij zelf wel genoeg doen om hun cultuur en identiteit te beschermen. “Bonairianen kennen hun eigen geschiedenis niet,” hoor je van verschillende kanten. Sterker nog: “Ze zijn niet echt geïnteresseerd,” constateren sommigen teleurgesteld. “De meeste mensen zijn er niet mee bezig wat hun cultuur is en hoe ze die kunnen beschermen,” vertelt Phelipa. “Ze merken wel dat er veel verandert, maar denken er niet over na wat zij daartegen kunnen doen.”
Dit gebrek aan kennis en interesse in de eigen cultuur bevestigen Antoin en Pratt van FuHiKuBo. “Kinderen krijgen bijna geen les over de Bonairiaanse geschiedenis en cultuur. Ik heb cursussen gegeven over de geschiedenis en cultuur van Bonaire, maar daar komen bijna geen Bonairianen op af,” aldus Antoin. “Het kennen van je geschiedenis en weten waar je cultuur vandaan komt, is cruciaal bij het vormen van je identiteit,” vult Pratt aan. “Als je geen toegang hebt tot die kennis, kun je er ook geen waarde aan hechten. Wat je niet kent, kun je niet beschermen.”
Cultuur zit in ons
Andere Bonairianen zijn optimistischer. “Cultuur zit in je hart,” zegt mijn buurvrouw tijdens een wandeling. Zo denkt ook universitair docent en oud-gezaghebber van Bonaire, Glenn Thodé (60), erover. “Omdat ik op Bonaire ben geboren en heb gewoond, draag ik de cultuur in me. En zolang ik die cultuur in mij heb, heb ik niets te vrezen.” Wel kan hij zich voorstellen dat mensen die deze houding niet hebben, bang zijn. “Maar in mijn ogen is het geen reële angst. Het wordt pas een probleem als je toelaat dat je verandert, bijvoorbeeld doordat je agressief wordt. Dan ben je je geaardheid als Bonairaan kwijt.”
Volgens Thodé is het zaak om het goede voorbeeld te geven. “Goed voorbeeld doet volgen. Laat de nieuwkomers zien hoe we het op Bonaire doen. Bied aan wat Bonairiaans is, in plaats van je terug te trekken.” Hij deelt een herinnering van zijn tijd als gezaghebber. “Vanwege problemen aan het Gezaghebbershuis na een orkaan verhuisde ik naar Sabadeco (een welgestelde buitenwijk van Kralendijk). Toen zeiden mensen: ‘De Gezaghebber heeft Bonaire verlaten!’ Ik stond perplex. Heel Bonaire is van Bonaire! Iedereen kan daar wonen!”
Juist die houding is het probleem, volgens Thodé. “Op die manier verliest de Bonairaan zichzelf. Je kunt wel willen vasthouden aan hoe het vroeger was, maar veranderingen gebeuren altijd. Waar je wel aan kunt vasthouden: de Bonairiaanse karaktereigenschappen. Di un kondukto tur parti gabá (vert.: met hun alom geprezen gedrag), zoals in het volkslied wordt gezongen. Leer de nieuwkomers hoe het moet. Dat vind ik mooi aan Aruba: daar laten ze de mensen van buiten zien hoe de dingen gaan op het eiland.”
Dynamische cultuur
Ook voormalig eilandsgriffier Willem Cicilia noemt Aruba als voorbeeld. De beste manier om de lokale cultuur levend te houden, volgens hem, is de cultuur dynamischer maken. “Je moet de Bonairiaanse cultuur niet krampachtig beschermen tegen invloeden van buitenaf, maar juist mixen, andere culturen erbij betrekken. Want ook die zijn deel van Bonaire. Dat zie je op Aruba bijvoorbeeld in de muziek en dans.” Cicilia vindt de Bonairiaanse cultuur momenteel weinig dynamisch. “Altijd dezelfde liedjes, dezelfde folklore. De Bonairiaanse cultuur mag wel een beetje met de tijd meegaan.”
Dit hoor je van verschillende mensen – opvallend genoeg voornamelijk 60-plussers – op het eiland. Zo ook kunstenaar Jackie Bernabela: “Het is belangrijk dat de lokale muziek levend wordt gehouden, maar het mag best veranderen. Ik vind het positief als de jeugd er een nieuwe draai aan geeft of er invloeden van buiten in verwerkt worden.”
Steeds meer Bonairianen
Wat voor muziek geldt, geldt ook voor de mensen. “De Bonairiaan is altijd al een mix geweest,” aldus Thodé. Wat veel Bonairianen betreft, is de invloed van buitenaf dus niet zozeer een bedreiging voor de lokale cultuur en identiteit. Dit hoort nu eenmaal bij een groeiend eiland – dat hebben ze al gezien bij de buureilanden – en groei brengt ook vooruitgang met zich mee. Het probleem is vooral dat veel mensen niet integreren. Ze creëren een stukje tropisch Nederland, met alle gevolgen van dien. De geïnterviewde Bonairianen noemen stuk voor stuk het aanpassen en integreren als voorwaarde, waarbij het leren van de taal de belangrijkste graadmeter lijkt te zijn.
Volgens oud-gezaghebber Thodé ligt daarin ook de sleutel: “Op Aruba hoor je erbij als je de taal spreekt. Als die houding er op Bonaire ook is, heb je steeds meer Bonairianen. Dat heb ik zelf ook geleerd van mijn grootouders, die stonden altijd open voor andere mensen.” En zo bewaar je door gastvrij te zijn dus júíst de Bonairiaanse cultuur.
Deze publicatie is tot stand gekomen met steun van het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten (www.fondsbjp.nl)
